De Disneyficering van Amsterdam

Een sprookjesachtig hoorspel over ijskoningin Halsema, inhalige wolven en het verloren volk van het ADM.

We bieden je vaker de keuze tussen lezen of luisteren. 
Maar we hebben ons deze keer uitgesloofd: dit is een hoorspel. Luisteren is dus een stuk vetter!
Maar lezen kan hieronder ook. (Hier meer foto's.)

Er was eens een land,

een arm land, vol spullen, auto’s, en wegen, en gebouwen die je uitzicht belemmeren.

Een land wat rijk was aan arme mensen, maar wat daarnaast ook barstte van de rijke mensen, en het leek wel alsof die rijke mensen nog meer spullen hadden dan de rest bij elkaar. Maar toch was een arm land, want er was nauwelijks liefde, en je was wel vrij om te doen wat je wilde, maar alleen als je netjes werk had, niet raar deed en precies hetzelfde wilde als je buurman.

In de industriële wastelands om de grootste stad van dat land, verkommerde een verlaten haven. Een haven met een droogdok, om schepen te repareren.

Ooit had de stad heel veel geld in die haven gestoken, want in de haven werkten mensen, en iedereen weet dat het alleen goed gaat met mensen die elke dag precies op tijd opstaan, nog net voordat ze genoeg geslapen hebben, om heel snel door druk verkeer naar een plek te gaan waar een baas ze beveelt wat ze de hele dag moeten doen, ook al hebben ze er geen zin in.

Dat is goed voor mensen.
Mensen die zomaar opstaan wanneer ze zin hebben, en die alleen maar dingen doen omdat ze die zelf zinnig vinden, die zijn natuurlijk diep ongelukkig. Voor je het weet willen ze iets anders dan hun buurman, en dat moeten we niet willen met zijn allen.
En dus had de stad veel geld aan de haven gegeven, zodat daar meer mensen aan het werk, aan de klok en aan de baas gehouden konden worden.

Maar helaas, dit is een droevig sprookje, en dus had het geld van de stad geen baat. De haven ging failliet, de werknemers moesten zich thuis gaan zitten schamen omdat ze werkloos geworden waren, en na een tijdje groeide er zelfs ongemaaid gras tussen de oude tegels, waar nooit meer iemand liep.

Het ADM ontstaat

Hoewel… Kijk: daar komen mensen aan, in een bootje!
Bij nader inzien… mensen? Ze zien er zo wild uit… ze hebben hun haren niet eens gekamd! En ze zijn allemaal anders, en geen enkele draagt een stropdas.
Oeioei, kinderen, zou dat wel goed gaan?

De wilde mensen stappen uit de bootjes. Het zijn er best veel. Sommigen beginnen het terrein op te ruimen, anderen repareren de daken van de twee oude gebouwen die nog in de haven staan, en… wat doen ze nou? Ja hoor, ze gaan er wonen!

En al snel wordt duidelijk dat de haven een klein dorpje in de stad is geworden. Een dorpje met niet zoveel spullen, maar wel veel liefde, en alle vrijheid. Een dorpje van rare einzelgangers die voortaan samen gaan. Een dorpje van kunstenaars en levensgenieters. Van Suwanne en haar vrienden.

En weet je wat nou het ergste is? Ze doen en maken allemaal dingen! Festivals, kunst, muziek, vrolijkheid en rarigheid. Ze helpen zelfs arme mensen, zònder daar geld voor te vragen!

Er is een nieuwe bestemming voor het ADM, de Amsterdamse Droogdok Maatschappij.

Sprookje

In een sprookje zitten ook koningen, marktkoopmannen en schurken. Maar helaas, dit lijkt het echte leven wel, en in het echte leven zijn die drie vaak dezelfde.
De eerste schurk rijdt nu bruut ons sprookje binnen. Het is Bertus Lüske, een speculant en maffiabaas. Hij heeft de ADM haven gekocht van de stad. Voor heel weinig geld, op voorwaarde dat het terrein te allen tijde bestemd zou blijven voor scheepsbouw of reparatie.

Bertus Lüske is niet zomaar een speculant: zijn naam werd door de parlementaire enquêtecommissie Van Traa genoemd als één van de 16 personen die criminele organisaties leiden.

En dat blijkt. Lüske laat heel vroeg in de ochtend een bulldozer recht door het gebouw heen rijden, waar nog mensen in liggen te slapen. Het is puur geluk dat iedereen het overleeft. De politie pakt hem op voor poging tot doodslag. Daar wordt hij later ook voor veroordeeld.
Vijf jaar later wordt Bulldozer Lüske door zijn criminele vriendjes geliquideerd, voor de ogen van zijn vrouw en kind.

De erven van Lüske hebben echter precies hetzelfde plan als Bertus. Met een smoes of met grof geweld het terrein ontruimd krijgen, en dan zo snel mogelijk dat kettingbeding weg. Want ze zitten nog steeds vast aan de voorwaarde dat het terrein te allen tijde bestemd moet blijven voor scheepsbouw of reparatie. Maar als ze daar vanaf kunnen, is het terrein miljoenen meer waard. Miljoenen aan gemeenschapsgeld, die de stad ooit voor de werkgelegenheid in de haven over had, door het veel te goedkoop te verkopen aan het havenbedrijf.

Oase

Vele jaren van procedures en toestanden, en af en toe wat rust volgen. Het ADM vestigt zich als een internationaal bekende naam, onder andere met het festival Robodock.

De eerste keer dat ik er was wist ik niet wat ik zag. Alleen al toen ik een enorme loods binnenliep, en ik in het halfduister boven me, onder het hoge plafond, iets zag bewegen… het was een enorme haai, een robothaai, die daar traag zwom, door de lucht.

Afgelopen zomer zat ik er nog op een rijdende en bestuurbare zitbank. Ik zag vuur wat zichzelf bluste met water, en wat toch bleef branden. Een vuilnisbak die leefde. Een band die niet zomaar speelde, maar die het publiek zo wist op te zwepen dat het een heidens ritueel werd, met een drummer die met drumstel, stoel en al letterlijk hoog boven de mensen werd gedragen terwijl hij speelde, terwijl bandleden elkaar bestookten met vuur. Ik zag een vuurspuwende draak van meer dan twaalf meter bewegend staal.

Ik zag mensen die thuis kwamen terwijl ze voorheen niet wisten dat ze hier hoorden. Ik zag mensen opbloeien, glimlachen als een kind, plotseling hun verwondering over de wereld terugvinden.

Ik zag mensen die keihard werkten, die met heel weinig middelen alles zelf deden, die alle harde consequenties aanvaarden zonder hulp van buiten, maar die wel vrij, vol liefde en onafhankelijk waren. Die niet alleen elkaar hielpen, als een hechte gemeenschap, maar ook anderen, tot en met grote hulptransporten naar vluchtelingen in Griekenland aan toe.

Maar de procedures gingen door. En Chidda, het bedrijf van Boef Bertus, intussen van de erven van de maffiabaas, kwam met de volgende smoes. Ze hadden een huurder gevonden: Koole BV. Of ze er echt iets willen doen of niet, is niet duidelijk, maar het is wel zeker wàt ze er willen doen. Geen scheepsbouw, maar slopen en asbest saneren.
Dat mag niet van het kettingbeding. Dus gingen de bewoners naar de hioogste magistraat van het land, om om rechtvaardigheid te vragen.

Maar dit sprookje lijkt het echte leven wel, en in het echte leven is er maar weinig verschil tussen boeven, koningen, magistraten, wethouders en koopmannen. En de magistraat zei: ik zeg lekker niet of Chidda zich aan het kettingbeding moet houden, want jullie bewoners zijn helemaal geen belanghebbende! Jullie wonen er immers alleen maar!
En een andere magistraat krijtte uit: Weg met jullie, schorriemorrie, vrijbuiters, akelige kunstenaars! Jullie worden ontruimd, speciaal met kerst!

Er kwam een klein beetje uitstel. We komen jullie op zijn vroegst op 8 janurai ontruimen, zei de stadswacht, maar op zijn laatst de 15e, en dan is het echt klaar.

De 130 bewoners was vervangende woonruimte beloofd. Maar wat ze kregen van wethouder Kock was een klein tijdelijk plekje op de slibvelden: zwaar verontreinigde, kale grond waar je woonwagen in wegzakt, slechts plek voor een klein deel van de mensen, een paar lullige noodWCtjes en zelfs geen douche. De wethouder heeft de pest aan vrije mensen, en dus heeft hij regeltjes: geen vuur, geen feest, geen cultuur, en geen vrolijkheid. En na twee jaar weer wegwezen!
Er was wanhoop voor het ADM. Moesten ze de boten laten zinken? Moesten ze alle vrijheid opgeven? Mochten ze niet meer werken? Niet meer leven?
Was er dan niemand die luisterde?

Maar al de hulp die het ADM aan anderen had gegeven, kwam terug. Zelfs het concertgebouworkest kwam als verjaardagscadeau een privéconcert geven, in dit volgens de Speculantenkrant natuurlijk ongelofelijk gevaarlijke ‘krakersnest’.

En een Griekse advocate, die net als het ADM vluchtelingen hielp, schoot te hulp. Ze schreef een brief aan de hoogste baas van de hele wereld. De Verenigde Naties. En wat niemand had verwacht gebeurde toch: de Verenigde Naties antwoordden, en vroegen om niet te ontruimen tot ze kon controleren of het allemaal wel klopt.

Ha, zei wethouder Kock. Het is maar een verzoek. Daar haal ik mijn schouders over op. Dat de VN al haar bevelen verzoeken noemt, dat zal dan wel. De VN, en mensenrechten, dat is iets waar wij alleen maar over praten als het om andere koningen gaat, dat geldt niet voor ons!

Gelukkig had de stad intussen verkiezingen gehad. Er was ook een fascist in de raad gekozen, maar de meerderheid was links, en vormde het stadsbestuur. Eindelijk was er hoop! Het nieuwe stadsbestuur besloot: wij willen de rafelranden van de stad behouden!

Ze kozen een nieuwe Koningin, en die straalde als niemand ooit tevoren. Heil Halsema, oh redder van het volk!
En de lieftallige Halsema, sprak: Spiegeltje, spiegeltje, wie is de schoonste van het land?
En de spiegel sprak: Suwanne.
En Halsema ontstak in kille woede. Maar ze beheerste zich, nam een schaal met appels en haar liefste glimlach, en sprak drie weken geleden:

“Onze stad kan een plek zijn waar mensen zonder macht geschiedenis en cultuur maken. Een plek van hoop. Een plek waar we zuinig zijn op ons erfgoed en onze geschiedenis koesteren. (…) onze traditie als kunstzinnige en vrije stad.”

Een week later liet Halsema zien wat die woorden betekenen, en ontruimde ze ADM Amsterdam.

Niet op de achtste, zoals de politie had beloofd, maar op de zevende. Vele bewoners hadden al wel de meeste spullen ingepakt, maar nog niet weggereden, omdat ze nog een dag dachten te hebben. Anderen dachten überhaupt niet ontruimd te worden, omdat de VN zelfs nog een tweede brief had gestuurd met het dwingende verzoek om dat niet te doen.
Maar de politie kwam toch.

Bewoner Jet: Ik hoorde de nacht voor de zevende ineens een gerucht over vervroegde ontruiming. Sommigen geloofden het, anderen niet. Ik stond om 5 uur op, om te helpen. Ik help een buurman om zijn trailer te laden met al zijn bezittingen, en haak die achter mijn tractor. Om negen uur komen ze inderdaad. Met groot geweld. Ik en mijn buurman gooien zijn belangrijkste spullen erin, en willen wegrijden om het terrein te ontruimen zoals ze willen.”

Maar dat mag niet. De politie gebied mensen alle wagens en spullen te laten staan, en meteen te vertrekken. Er lopen ook bewakingspieven rond van Chidda. “Jullie mogen later de spullen ophalen”, zeggen ze.
Als de bewoners buiten staan, zelfs nog terwijl de politie een enkele bewoner die weigert te vertrekken uit een kunstwerk zaagt, komen de sloopwagens van Koole en Chidda het terrein op rijden. De woordvoerder van Chidda zegt tegen de pers: ja, we slopen alles meteen, wat er ook is. Kunnen ze er lekker niet meer in.

Dan beginnen de slopers. Alles slopen ze. De twee gebouwen, de zelfgebouwde huizen, de trailers met spullen, de kunst, álles gaat verloren behalve de kleren die de mensen die buiten staan nog aan hebben.
De politie kijkt er bij toe. Twee dagen laat Halsema de slopers hun gang gaan. Dan zegt ze: Oh, ik wist van niks! Dit mag niet hoor, mensen mogen nooit andermans spullen vernielen.
Er is dan al niets meer over.

De pers schrijft de woorden van Chidda’s woordvoerder over alsof hij god is, in plaats van een boef. Ze schrijven zelfs dat de krakers miljoenen schade hebben toegebracht aan het terrein. Maar waar aan dan? Aan de kale grond? Aan het hoofdgebouw, waar Bertus Lüske een bulldozer doorheen liet rijden terwijl er mensen in sliepen? Aan het bijgebouwtje, wat Chidda direct liet slopen met mensen hun spullen er in?

De kwaadste krant van het trieste land schrijft zelfs dat er drie molotovcocktails zijn gevonden. Dat kan kloppen, ze zijn het restant van de ADM winterspelen, waar allerlei gekke spelletjes en padvinderswedstrijden gehouden werden, inclusief gek gekleurde molotovcocktails gooien. Je kunt de beelden daarvan online zien. Een bewoner had er een paar bewaard als aandenken, inclusief sticker met de tekst “Winterspelen.” Ze zaten tussen de bezittingen die hij van de politie moest laten staan.

De pers schrijft niet of nauwelijks over het feit dat bewoners ook voor de ontruiming al dwars werden gezeten en geïntimideerd:

Tevreden, warm, hartelijk en sociaal

Koningin Halsema is tevreden. Iedereen vindt haar nog steeds warm, hartelijk en sociaal. Ijzig glimlacht ze in de spiegel, die nu moet toegeven dat ze de mooiste is van de stad, nu Suwanne en haar dorp zijn ontruimd.

“Sorry als ik stink,” zegt ze een paar dagen later glimlachend, “maar ik heb net 200 daklozen geknuffeld.”

Wethouder Udo Kock is nog niet helemaal klaar. Hij denkt dat hij de laatste restjes creativiteit en vrijheid nog wel kan verjagen uit de aangeharkte stad, met zijn formuliertjes en zijn ambtenaren. Hij heeft zijn Dorknopers naar de slibvelden gestuurd, waar een paar geredde wagens in de kou staan, en ontredderde bewoners zichzelf en elkaar overeind proberen te houden.
“Er is afgesproken, en dat weet de commissie volgens mij, dat er individuele gedoogbeschikkingen voorgelegd en getekend zouden worden.”
En bijna niemand heeft die papiertjes, en dus moeten ze nu weg, weg, weg.
De straat op.

De aangeharkte straat, met brave burgers met papiertjes, die elke dag net iets vroeger opstaan dan ze willen, om heel gehaast in de file te gaan staan, naar hun bazen, die ze vertellen wat ze moeten doen en hoe ze moeten zijn, zelfs al hebben ze daar geen zin in. Waar ze al hun energie besteden aan onzeker werk wat vaak eigenlijk nergens toe dient. Om daarna doodmoe terug naar huis te gaan, in de stad die lijkt te zijn bedacht door Disney, maar die wordt geregeerd door grote bedrijven, kleine wethouders en een ijselijke koningin, die vrijheid haten en bang zijn dat het besmettelijk is.
Als je ze tegenkomt, zorg dan dat ze je niet kan knuffelen, want iedereen die aan haar ijskoude hart wordt gedrukt, sterft.

Waar zullen we nu nog leven, nu alle steden hetzelfde zijn, en vrijheid met bulldozers wordt bestreden?

 

Credits
Tekst en hoorspel: Bas Thijs
Foto kop (bewoner met handen omhoog): Outer Site Pictures, met vriendelijke toestemming (dankjewel!)
Overige foto’s: Bas Thijs. Meer hier.
(Sta je op één van de portretten, maar wil je dat liever niet, dan stuur aub een berichtje.)
Muziek van:
The Ex – Blueprints for a blackout – streetcars named desire
Sergej Prokofjev: Peter en de Wolf.

 

Het ADM heeft hoge juridische kosten. Steun haar hier.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *