Nederland kopieert Belgische bekeuringsramp

Wie in het Vlaamse Ieper niet meldt dat een straatnaambord onleesbaar is, riskeert een boete. Anders gezegd: Als iemand een onleesbaar bordje meldt, kan de gemeente in theorie al haar andere inwoners in één keer op de bon slingeren wegens het niet-melden.
Gemeente Amsterdam ruikt kansen.

Van de week werd er even tussen neus en lippen op het nieuws gemeld dat Amsterdam en Den Haag voortaan zelf boetes gaan innen. Komend jaar gaat dat in.
Niemand die oplet, want wat maakt het uit of je een boete aan het CJIB (Centraal Justitieel Incassobureau) of aan de gemeente betaalt?

Heel veel dus. Want het gaat leiden tot bizarre boetes, wildgroei en willekeur.

Als een gemeente een boete geeft en zelf int, is dat geen strafrechtelijke boete of een boete volgens de landelijke Wet Mulder, maar een bestuurlijke boete. Een gemeente mag grotendeels zelf weten hoe hoog die boete is of waar je hem voor krijgt. Het is maar net wat het plaatselijke gemeentebestuur in haar lokale APV of afvalstoffenverordening zet. In iedere gemeente moet je daardoor straks aan andere regels voldoen, wil je geen boete krijgen.

En, niet onbelangrijk, de gemeente mag dat geld zelf houden.
Dat zijn geen peanuts: Amsterdam verwacht komend jaar bijna een miljoen euro te innen. En dat is dan nog met de huidige bedragen, die de stad dus mag verhogen wanneer ze maar wil.

Oerwoud van bevoegdheden

Het kost natuurlijk geld om parkeerwachten en andere bekeurders op pad te sturen. Als een prentenschrijver bij de politie werkt, betaalt het rijk zijn loon.

Maar het aantal mensen wat gedeeltelijk politietaken heeft overgenomen en bekeuringen mag geven, is spectaculair gestegen de laatste jaren. Ze werken soms voor bedrijven en hebben allemaal andere bevoegdheden, ter bevordering van de transparantie zullen we maar zeggen. Daar zitten steeds vaker bevoegdheden bij als het rondlopen met handboeien, wapenstok en pepperspray. Die mensen heten BOA’s (Bijzondere OpsporingsAmbtenaren). Denk aan conducteurs, sociale rechercheurs van het UWV, brandweer, brugwachters en leerplichtambtenaren.

Een flink deel van de 30.000 BOA’s (stand 2013) werkt voor de gemeente. Parkeerwachten, marktmeesters en stadswachten bijvoorbeeld, wiens loon door de gemeente wordt betaald. (Over transparantie gesproken: sommige stadswachten zijn wel BOA, andere weer niet.)
Hoe dan ook: dat loon kost geld.

Gemeenten in geldnood

Geld is dan ook de reden dat Amsterdam en Den Haag de bestuurlijke boetes invoeren.

Het geld wat bekeuringen opleveren gaat tot nu toe naar het rijk. Maar als het een gemeentelijke Dorknoper was die je “er mooi op zette”, kreeg zijn gemeente van het rijk wel een bijdrage aan het loon van deze gemeenteBOA. Tot vorig jaar mochten gemeentes per uitgeschreven boete namelijk 25 tot 40 euro houden.
Maar…

  • nu het beter gaat met de economie,
  • nu het begrotingstekort van het rijk echt de goede kant uitgaat,
  • en nu de gemeentes juist met enorm veel rijkstaken zijn opgezadeld,
  • waar ze minder geld voor krijgen dan waar de landelijke overheid het voorheen voor deed…

– juist nu worden de gemeenten ook hier op gekort, en mogen ze sinds vorig jaar niets meer houden van het boetegeld.

Geen wonder dus dat de steden naar andere inkomstenbronnen op zoek gaan.
Een woordvoerder van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten zegt dat de maatregel geen truc is om de gemeentelijke kassen te spekken. Stinkend rijk zullen ze er inderdaad niet van worden. Maar intussen is het wel een feit dat de gemeentes sinds vorig jaar op eigen kosten boetes moeten uitdelen waarvan het geld volledig naar het rijk gaat, en dat de steden Amsterdam en Den Haag dat geld vanaf komend jaar volledig zelf kunnen houden: een aardig verschil.

Vlaamse waanzin als voorbeeld

Wat bestuurlijke boetes door de gemeente in de praktijk betekenen, kunnen we sinds een paar jaar in België zien. Daar is de GAS-boete, zoals hij in België heet, volkomen uit de klauwen gelopen. Met name jongeren klagen steen en been vanwege de ene na de andere zware boete voor zeer kleine of zelfs onbegrijpelijke zonden. Een paar voorbeelden (hier vindt je nog 100 andere):

  • In Mechelen werd een jongen drie uur vastgezet en kreeg hij een GAS-boete wegens het eten van een broodje op de trappen van de Sint Pieterskerk.
  • In tal van Belgische gemeenten staat er een GAS-boete op belletjetrekken. In Dendermonde mag je ook niet ‘zonder noodzaak’ kloppen op vensters.
  • In Antwerpen kreeg Villanella, het kunsthuis voor kinderen, een GAS-boete wegens… protest tegen GAS-boetes.
  • In de Kempense gemeente Arendonk hebben ze een bijzondere kliklijn. Wie hem niet gebruikt moet de portemonnee trekken. Inwoners krijgen een GAS-boete tot 250 euro wanneer ze verzuimen om de aanwezigheid van processierupsen te melden aan het gemeentebestuur.
  • In Deinze krijg je een GAS-boete wanneer je opgeraapte confetti opnieuw in de lucht gooit.
  • Dendermonde bestraft mensen met een GAS-boete wanneer ze ijspegels aan de buitenkant van hun dak laten hangen.
  • Eendjes voeren wordt in Lokeren gestraft met een GAS-boete. Behalve wanneer de dieren het voedsel binnen een beperkte tijd opeten. Sneeuwballen gooien mag ook niet.
  • De stad Antwerpen kondigde aan dat GAS-boetes zullen worden ingezet in de strijd tegen Syriëstrijders. En ook tegen sneeuwballen.

Je recht is ook hier in gevaar

Terug naar de Nederlandse gemeentes die met hun bestuurlijke boetes datzelfde pad op willen.

Cruciaal is dat bestuurlijke boetes niet onder het strafrecht vallen. Dat geldt voor verkeersboetes ook, maar die zijn in elk geval landelijk wettelijk vastgelegd. Gemeentelijke bestuurlijke boetes niet.

Omdat bestuurlijke boetes niet onder de strafwet vallen, ben je als “overtreder” geen verdachte, en heb je ook de bijbehorende rechten niet. Je bent NIET onschuldig tot het tegendeel bewezen is (en je mag zelfs niet in beroep voor je betaald hebt).

Hoewel bestuurlijke boetes wel gemotiveerd moeten worden, is er lang niet zo’n harde bewijslast als in het strafrecht. En je kunt dan wel in bezwaar en beroep (bij bezwaar keurt de gemeente eerst haar eigen vlees, waarna in bepaalde gevallen nog beroep bij de Kantonrechter mogelijk is), maar ook daar wordt niet meer dan een “hoge mate van waarschijnlijkheid” geëist in plaats van hard bewijs, en zijn soms zelfs onrechtmatig verkregen “bewijzen” toelaatbaar.

Extreme bedragen mogelijk

De gemeente mag zelf bepalen wat ze als beboetbare overlast definieert, en hoe hoog die boete dan wordt.

Een voorbeeld: een gemeente kan voor het op de grond werpen van een kersenpit of een kauwgumpje een boete opleggen. In Brussel gebeurde dat al, voor de kersenpit (1 stuks), 50 euro. In Nederland zijn de wettelijke mogelijkheden groter dan in België. Hier kan je kersenpit beboet worden met maximaal 340 euro, en zelfs 2.250 euro als je een rechtspersoon bent (zoals het kunsthuis voor kinderen van hierboven).

Gemeenteraadslid is parttimer

Wanneer een kind jonger dan 12 jaar in het Vlaamse Arendonk een begraafplaats betreedt zonder volwassen begeleider, riskeert het daarvoor een GAS-boete tot 250 euro. Zo staat nog altijd te lezen in het Uniform Gemeentelijk Politiereglement van de politiezone Kempen Noord-Oost.

Dat is niet alleen bizar, het is ook onwettig. In België is de minimum leeftijd voor GAS-boetes 14 jaar en het maximum bedrag dat aan kinderen van die leeftijd mag worden geëist is 175 euro.
Dat de Arendonkse bepaling niet mag van de wet, is al in 2013 flink in de media geweest. Maar blijkbaar leest het gemeentebestuur de krant niet.

En daarmee komen we op het feit dat de functie van gemeenteraadslid maar een parttime functie is, ook in Nederland.

Het is de zoveelste reden waarom gemeentelijke bestuursboetes voor overlast geen goed idee zijn. Normaal moet een nieuwe wet “een hele keten van controles doorlopen. Eerst wordt een wetsvoorstel gedaan in het parlement, daarna wordt de wet daar besproken om te zien of ze wel grondwettelijk is, enzovoort. Bij de gemeenten bestaat die keten dus niet. Je hebt gewoon een gemeenteraad die zegt: ‘Zo zal het zijn of zo zal het niet zijn’. En dat zonder enige expertise.”

Aldus Fahim De Leener, student criminologie aan de VUB, en beboet met een GAS-boete tijdens een betoging tegen GAS-boetes. Want dat wordt niet alleen in Antwerpen gedaan zoals we hierboven al meldden, ook in Brussel gaat dat zo.

Aangeharkt Duckstad

Amsterdam en Den Haag zijn open over geld als motivator van het invoeren van de bestuurlijke overlastboete. Maar ze geven nog een tweede reden. Ze willen verder kunnen gaan dan nu mag van de wet.

Haagse wethouder Revis: “Ik vind rommel op straat irritant. Ik zou er graag veel en hardere boetes voor uitdelen.”

Is dit een daadkrachtige wethouder?

Of moeten we toch stellen dat we voortaan maar moeten afwachten wat de smaak en willekeur van de komende wethouder zal zijn, voor we weten welk gedrag wel en niet mag, en hoe zwaar we bestraft worden?

Zou wethouder Revis alleen afval irritant vinden? Of krijgen we ook een boete als we vanwege onze hoge leeftijd, onze hernia of onze lamlendigheid niet meteen ons stoepje sneeuwvrij hebben gemaakt? Hoeveel grassprietjes zou hij per m2 toestaan? En hoeveel de buurgemeente?

De “inhoudelijke redenen” van Amsterdam en Den Haag passen goed in een bredere beweging in onze samenleving. Die beweging gaat steeds verder weg van de tolerante, open samenleving waar we ooit zo trots op waren. “Leven en laten leven” wordt meer en meer vervangen met een veiligheidspsychose, waarin elk denkbaar risico onaanvaardbaar is, en waarin de term “overlast” wordt gedefinieerd als: “kunnen merken dat die ander bestaat”.

Vrijheid is in deze uiterst saaie en verstikkende toekomst niet meer te vinden. En dat is misschien maar goed ook, want ze zou gewantrouwd worden.

Uitvoeringsdingetje met grote gevolgen

Het lijkt zo’n klein uitvoeringsdingetje, gemeentelijke boetes. Maar de gevolgen zijn groot, en de praktijk in België leert ons bovendien dat die gevolgen bepaald niet fictief zijn:

Gemeentes die naar willekeur boetes kunnen instellen en uitschrijven, zonder enige proportionaliteit of expertise. Gemeentes die aan extra hoge boetes voor extra onbelangrijke zaken goed kunnen verdienen. Een wildgroei aan plaatselijke boetes, die in elke gemeente weer anders zijn, met overal andere bedragen voor andere feiten. Voor zaken die niet in de landelijke wet geregeld zijn, en waarvoor geen harde bewijslast nodig is. Waar je maar beperkt tegen in beroep kunt gaan. Boetes die uitgeschreven worden door iedere BOA die er maar rondloopt.

En, niet heel toevallig, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten heeft net een pleidooi gehouden om ook alle (vergeleken met de politie slechtopgeleide) stadswachten en toezichthouders voortaan boetes te laten uitdelen, zelfs al zijn die nu lang niet allemaal bevoegd als BOA.

We zouden het eigenlijk de invoering van het marktdenken in het strafrecht kunnen noemen, als het strafrecht niet al omzeild werd met de gemeentelijke overlastboete.

Een goed idee, dit alles, voor wie willekeur wel spannend vindt, en een broertje dood heeft aan rechtsgelijkheid en rechtszekerheid.
De bezuinigingsdrift en de algemeen heersende veiligheidspsychose ondermijnen onze vrijheid in rap tempo.

Bas Thijs

PS – het kan altijd gekker

Ik schrijf hier boven ergens:
“Het kost natuurlijk geld om parkeerwachten en andere bekeurders op pad te sturen”

Nou, zeker in Amsterdam. Daar is de parkeerwacht geprivatiseerd. Ik vind het eerlijk gezegd verbijsterend hoe zelfs overheidstaken als handhaving nu winst moeten opleveren, maar het is een feit: het commerciële Franse bedrijf Egis Projects schrijft in Amsterdam de parkeerboetes uit, en dat doen ze niet gratis. De aandeelhouders willen dividend zien.

Overigens is de grootste aandeelhouder van Egis de Franse staat.

Om dol van te worden, overheden die hun kerntaken privatiseren zodat andere overheden zich als commercieel bedrijf kunnen gedragen, en winst kunnen maken op jouw overtredinkje…

Neoliberalisme wordt vaak verkocht met klets over transparantie en vermindering van de regeldruk, maar in werkelijkheid leidt het volautomatisch tot een ondoorzichtig moeras van regelingen, belangen en partijen die zich voordoen als andere partijen. Al snel weet niemand meer precies wie nu eigenlijk waar voor staat, aan welke regels men moet voldoen, wat het effect van een “product” (zoals het uitschrijven van bekeuringen) is, of hoe het gefinancialiseerd is.

Het is dus maar dat je het weet. Als je straks moet betalen omdat je het hebt gewaagd om samen met de toeristen even op het Nationaal Monument op de Dam te zitten, (ja, het is echt verboden, zie artikel 4.16 APV) dan is dat wellicht omdat de Franse overheid anders te weinig verdient.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *